Twijfels van twee jonge journalisten in het buitenland

Persoonlijk verhaal |



Voor de Avond van de Buitenlandjournalistiek werden Krista Arriëns en ik gevraagd om een column voor te dragen over onze ervaringen als jonge journalisten in de Filipijnen. Het is een verhaal geworden die - nu ik het weer terug lees - veel vertelt over waarom ik journalist ben geworden.


‘Are you volunteers?’, wordt ons gevraagd als we het vliegtuig uitstappen en met onze koffers en camera’s in de hand een taxi aanhouden in Tacloban. ‘No, we are journalists’, antwoorden we met enige trots. ‘Oh, you are journalists? Welcome! Welcome! And thank you!’ Krista en ik kijken elkaar vragend aan: ‘Thank you? Waarvoor dan?’


We stappen de taxi in en rijden via de hoofdweg richting downtown Tacloban. We turven: 1… 2… 3… 8… 9… 10… Het zijn de witte landrovers die ons tegemoet komen op de andere helft van de weg. IOM, UN, OCHA, ICCO en tal van andere afkortingen passeren ons.


Het wordt ons snel duidelijk. Iedereen in deze stad heeft wel iemand verloren en ieder huisje waar we aan gaan kloppen heeft een verhaal. Met elkaar spreken de Filipino’s nauwelijks over hun verdriet, maar vraag je ernaar dan springt het vocht hun in de ogen.


Twee dagen na onze reis zitten we bij Radio 1 aan tafel.


-'Krista en Anne, jullie zijn in de Filipijnen geweest. Ruim 36 miljoen euro is er door Nederland opgehaald. Hoe is ons geld besteed?'

- 'Voor dat verhaal zijn wij eigenlijk niet naar de Filipijnen gegaan.'

- 'Waarom zijn jullie dan wel naar de Filipijnen gegaan?'


Verbazing in de stem van de presentatrice.

Een ander dialoog tussen ons, twee maanden voor onze reis.


- 'Welk verhaal zouden we willen maken?'

- 'Welk verhaal zouden de media willen horen?'

- 'Maar wat nou als het verhaal dat we willen maken niet het verhaal is dat de media willen horen?'

- 'Dan zorgen we ervoor dat het verhaal dat we willen maken, ook het verhaal is dat ze willen horen.'

- 'Hoe gaan we dat doen dan?'


Die laatste vraag kwam vaak terug in onze gesprekken. Hoe verkopen we onze verhalen en bewandelen we tegelijkertijd niet de gangbare weg? Want de gangbare weg, die voelt voorspelbaar. En wij wilden ons juist laten verrassen door wat we daar zouden gaan aantreffen.


We besloten daarom verhalen te gaan maken die ons hart raakten. Want als wij iets maken dat ons raakt en we weten dat gevoel over te brengen, dan moet dat verhaal wel een weg naar buiten vinden. Toch?


We besloten verhalen te gaan maken die ons hart raakten.

Twee dagen voor onze reis liepen we de redactie van EenVandaag op. Wij dachten een prachtig verhaal in handen te hebben, in de rafelranden van de ramp. Een verhaal dat iets zegt over de veiligheid en de daadwerkelijke zorgen van de Filipijnse bevolking.


EenVandaag vond het ook een boeiend verhaal, maar hadden wij de kwaliteiten wel in huis om het te maken? We zijn immers jong en onervaren en kregen daarom geen intentieverklaring, maar wel de woorden: ‘als het verhaal inhoudelijk en kwalitatief goed gemaakt is, dan willen wij het graag uitzenden.’


Een week na onze reis krijgen we een telefoontje. EenVandaag. ‘Prachtig gedraaid dames. Inhoudelijk en kwalitatief goed. Maar we hebben toch gekozen voor een aankoop met een meer Nederlandse invalshoek.’

De teleurstelling. Hadden we dan toch...? De titel van het verhaal dat EenVandaag aankocht: ‘Hulpgoederen Haiyan-slachtoffers nooit aangekomen.’


Nog een dialoog tussen ons:


- De verhalen die journalisten maken over anderen lijken meer te vertellen over de media zelf, dan over de mensen om wie het werkelijk gaat.

- Ja, de media lijken vooral geïnteresseerd in één ding: hoe is ons Nederlandse geld besteed?

- Of beter nog: waar is ons geld niet goed besteed?

- Is er eigenlijk wel oprechte interesse in hoe het met de Filipijnse mensen gaat?


Wij waren niet opzoek naar hoe het geld besteed was, want hoe kunnen we in een reis van twee weken een oordeel vellen over of ons geld goed of slecht besteed is? En wat is dat eigenlijk, goed of slecht?


Wij wilden zien hoe de mensen leefden, hoe de mensen woonden, hoe de mensen sliepen, een jaar na de ramp. Wij wilden ons laten verrassen. En wij zagen dat de Filipino’s zichzelf niet als slachtoffer zagen. Wij zagen dat ze dankbaar waren. Intens dankbaar. Voor de hulp die ze hadden gekregen. 'Thank you', zeiden ze tegen ons.


En dan natuurlijk die ene vraag: hoe doen we dat dan, verhalen verkopen die niet de gangbare weg volgen?


Wij zijn na deze reis in een ding gaan geloven. Als een verhaal je hart raakt en je weet dat gevoel over te brengen, dan vindt het vanzelf wel z’n weg naar buiten. We verkochten onze verhalen uiteindelijk aan Het Parool, VPRO Buitenland en De Correspondent.

94 keer bekeken
  • White Instagram Icon
  • White Twitter Icon
  • White LinkedIn Icon

PROUDLY MADE BY ANNE DE BLOK